In de afgelopen jaren zijn er in diverse sectoren zoals de media, de sportwereld, de politiek en universiteiten pijnlijke schandalen aan het licht gekomen rond grensoverschrijdend gedrag. Voorbeelden zoals DWDD, Ajax, de Tweede Kamer, de NPO, Universiteit Utrecht en ITA laten zien hoe diepgaand de organisatiecultuur hierbij van invloed is op het gedrag.
Organisatieculturen kunnen een voedingsbodem vormen voor het ontstaan én voortbestaan van grensoverschrijdend gedrag. In sommige organisaties zijn door de jaren heen normen en waarden gegroeid die dit gedrag mogelijk maken. Leiders – formeel of informeel – vervullen hierin een bepalende rol: zij geven zelf het verkeerde voorbeeld of gedogen dit gedrag bij anderen. Daardoor blijft correctie uit en krijgt grensoverschrijdend gedrag de kans zich in te slijten als ‘normaal’. Het wordt onderdeel van ‘hoe we de dingen hier doen’ en daarmee een vast bestanddeel van de organisatiecultuur. Dit kan zich uiten in een breed gedeelde cultuur binnen de hele organisatie, maar ook in specifieke subculturen binnen teams of afdelingen. In het onderstaande zetten we deze risicovolle culturele kenmerken op een rij.
1. Grote machtsafstand en afhankelijkheid
In culturen met een grote machtsafstand en afhankelijkheid tussen leidinggevenden en medewerkers is machtsmisbruik moeilijk bespreekbaar. Medewerkers, in het bijzonder flexwerkers, zijn afhankelijk van hun leidinggevende voor hun baan of toekomstperspectief, wat het melden van misstanden bemoeilijkt. Medewerkers en flexwerkers voelen zich vaak niet veilig om misstanden te melden uit angst voor repercussie.
Tot de hiërarchische culturen behoren ook de organisaties met een grote informele machtsafstand. Een voorbeeld hiervan is DWDD waar medewerkers het gedrag van de presentator niet durfden aankaarten door zijn informele macht en status als kijkcijferkanon. Dit weerhield ook leidinggevenden ervan om in te grijpen.